Pijlers waarop interventies rusten

Ieder heeft een plek nodig: Een plek geven aan ieder is niet hetzelfde als harmonie nastreven. Het gaat om het lidmaatschap tot een familie, een groep of een systeem. Elk lidmaatschap heeft zijn voorwaarden en codes. Ook een familie, een team, een kudde, een club. Wie is er uitgesloten en heeft geen plaats? Waarin vertaald dit zich bij de volgende generatie? Wat uitgesloten is wordt groter.

Er is een ordening die het grotere systeem kracht geeft: Waar staat iemand in de rangorde van het gezin van herkomst? In het huidige gezin? De plaats alleen is niet voldoende – welke plaats neem men in? Het dienstbaar zijn aan het grotere geheel gaat vaak gepaard met het vervullen/invullen van een lege plaats. Een plek in het geheel waar trauma, pijn of schaamte aan verbonden is zal ongevraagd geschraagd worden en een gewicht zijn dat in hem of haar leven voelbaar is. Er is minder vrijheid en keuze – vooral een moeten

Geven en ontvangen: Deze beweging komt uit de contextuele therapie. De voortdurende uitwisseling tussen mensen, familieleden en teamleden is een stevige oefening in het leren managen van dis-balans. Vaak is er een streven naar evenwicht hierin. Daarin zit een zekere mate van illusie doordat wij al van bij onze geboorte niet in balans kunnen brengen wat wij ontvangen hebben: het leven zelf. Hoe leer jij als begeleider goed voor jezelf te zorgen, te nemen, betaald te worden etc. Waarin ben je kwetsbaar om te ontvangen vs. geven of andersom.